Backpacken door Thailand voelt als thuiskomen. Ik reisde in 2011 voor het eerst acht maanden met mijn backpack door Thailand en boekte na thuiskomst direct een vliegticket om nog een maand terug te gaan. Ydwer backpackte er zelfs al in 2004 rond. Om nu, anno 2017, samen de leukste plekjes in Thailand te herontdekken is daarom een klein feestje.
Chiang Rai en Chiang Mai
We beginnen onze reis in het onherbergzame noorden en verkennen de waanzinnig mooie Witte Tempel van Chiang Rai. Een heus kunstwerk vol bizarre versieringen en mythische wezens. Vervolgens bezoeken we Chiang Mai, het culturele hart van Thailand. In het verleden maakten we hier al fantastische trekkingen door de bergen, daarom besluiten we ons nu te richten op de tempels, markten en de gezellige straatjes in en om het centrum van de oude stad.
Ongelukken en een overleden medepassagier
Alle flashbacks van onze vorige reizen komen weer naar boven. Ydwers laatste bezoek aan Chiang Mai eindigde in het ziekenhuis, nadat hij tijdens de trektocht door een verrot houten platform was gezakt en een reismaatje boven op zijn rug belandde. Met een flinke blessure aan zijn rugwervel tot gevolg.
Míjn vorige bezoek aan Chiang Mai had juist een heel vreemde start… omdat het oude Thaise dametje waar ik tijdens mijn nachtelijke busreis naar Chiang Mai naast zat, tegen het einde van de reis onderweg overleed! De vriendelijke vrouw nam bij aanvang van de busreis plaats op de stoel naast die van mij. Omdat er nog een rij stoelen vrij was, verhuisde ik halverwege de rit twee rijen naar achteren. Toen we vervolgens bij de eerste stop in Chiang Mai aankwamen en één van de Britse backpackers voor mij de Thaise dame aantikte om haar te laten weten dat dit haar stop was… was ze zo koud als een ijsklontje. De arme dame werd uit de bus getakeld en door een ambulance meegenomen. Hoe verschrikkelijk ook… ik moest er niet aan denken dat ik niet van stoel was gewisseld en er na 12 uur reizen was achtergekomen dat de persoon naast mij al uren lang… Niet aan denken.
Les geven aan weeskinderen en monniken
Gelukkig genieten we deze keer optimaal van Thailands noorden zonder gekke taferelen. We slaan Pai en Mae Hong Song, twee leuke plaatsen in de bergen, deze keer over. In Mae Hong Son, vlakbij de grens van Myanmar gelegen, deed ik in 2011 vrijwilligerswerk. Ik gaf in een lokaal weeshuis Engelse les aan Birmese kinderen. Zij waren zonder hun ouders de grens van Thailand over gevlucht vanwege het conflict in Shan-staat, hun Birmese thuishaven. Het waren vooral kinderen uit bergstammen die door de Thaise regering werden gedoogd. Hun ouders woonden nog in Myanmar of waren slachtoffer geworden van het conflict tussen de etnische minderheden en het Birmese leger. Ook gaf ik les aan jonge Birmese monniken die in Mae Hong Son in een klooster woonden. Op deze manier kregen ze gratis onderwijs van de Thaise regering én ze leerden natuurlijk enorm veel over het Boeddhisme, wat hen status gaf.
Gedoogde Birmezen in Mae Hong Son
Inmiddels verneem ik van mijn vriend Daotong, de Birmese jongen die destijds zeer toegewijd hielp bij de Engelse lessen, dat het weeshuis waar ik les gaf is opgeheven. Het weeshuis was van zijn vader en Daotong spendeerde er ál zijn vrije tijd om met de kinderen te praten en te spelen. Hij was immers zelf een ‘oudere versie’ van hen; uit Myanmar gevlucht op zijn zesde, herenigd met zijn vader en onder een gedoogbeleid wonend in Thailand. Met veel kids heeft hij nu nog steeds contact en met de meeste van hen gaat het goed. Sommigen wonen nog in Mae Hong Son, maar de meesten zijn teruggegaan naar Myanmar omdat ze in Thailand niet mochten werken. Daotong zelf woont nu in Chiang Mai en heeft inmiddels een verblijfsvergunning, een Thaise vriendin én een ontzettend schattige baby van enkele maanden oud.
Loy Krathong festival in Sukhothai
Onze reis brengt ons naar Sukhothai, de hoofdstad van het historische koninkrijk Sukhothai dat twee eeuwen lang (1238 tot 1438) veruit het grootste rijk was in het huidige Thailand. Hierdoor vind je er een enorm historisch park met tientallen tempels, ruïnes, meren en overblijfselen van het koninklijk paleis. Toevallig bezoeken we Sukhothai tijdens Loy Krathong, het Thaise ‘feest van het licht’. De bouwwerken en Boeddha-beelden in de historische stad zijn prachtig verlicht met fakkels, kaarsen en lampjes. Mensen duwen als offer kleine zelfgemaakte bootjes met bloemen en kaarsjes het meer op en steken lampionnen af die door de warmte omhoog worden gevoerd, de lucht in.
Bangkok en Khao San Road
In Bangkok kunnen we het niet laten om een slaapplaats te vinden nabij Khao San Road, het ontzettend toeristische maar o-zo-gezellige backpackersdistrict. Hier is al die jaren na onze eerste reis maar weinig veranderd. Nog altijd wemelt het er van de kraampjes, barren, restaurants, verkopers en ‘proppers’ die je lokken met borden als ‘Freaking good beer’ & ‘We don’t check your age’. Stijlvol Bangkok dus. Dit is dé plek voor goedkoop en lekker ‘street food’; noedels, pad thai of gefrituurde schorpioenen op een stokje, het kan allemaal.
Maar gelukkig heeft Bangkok ook prachtig versierde tempels, het mooie Royal Palace, drijvende markten, enorme winkelparadijzen en hippe rooftop barren. We vermaken ons een week lang voor we de nachttrein pakken naar het zuiden van het land.
Strandhoppen op Koh Samui en Koh Tao
Met de nachttrein komen we aan in Surah Thani, van waaruit het nog een korte busrit is naar de veerboot die ons naar Koh Samui brengt. Helaas is het de afgelopen tijd erg slecht weer geweest en zijn de eilanden in deze regio meermaals overstroomd. We strijken enkele dagen neer op Chaweng Beach, met hagelwit zand en helder zeewater. Daarna reizen we snel door naar het eilandje Koh Tao, zodat we hier nog even kunnen genieten voor de volgende regenperiode aanbreekt. Koh Tao betekent eigenlijk ‘schildpadden eiland’, volgens sommigen omdat het de vorm heeft van een schildpad en volgens anderen omdat de kans hier groot is dat je in het water zeeschildpadden tegen het lijf loopt. Dit oord is een paradijs voor duikers en snorkelaars en we snorkelen er dan ook een dag lustig op los.
Per trein van Thailand naar Maleisië
Ons plan om ook de andere eilanden en stranden in Zuid-Thailand te bezoeken, valt letterlijk in het water. Gelukkig hadden we jaren geleden al eerder de kans om de mooiste stranden van paradijsjes als Koh Phangan, Krabi, Phuket en Koh Phi Phi te ontdekken. Zodra de regenbuien zich weer aandienen, nemen we de veerboot van Koh Tao naar het vaste land en stappen we weer op de nachttrein. Deze keer ‘treinen’ we helemaal door naar het meest zuidelijke puntje van Thailand, waar we de grens oversteken naar Maleisië! Lees hierover in onze volgende blog.